Mijn armen

Je bewegingsstelsel bestaat onder andere uit botten, gewrichten en spieren. Je 200 botten zorgen voor stevigheid en vormen samen het skelet of geraamte. Als er geen botten in je lichaam zaten, zou je niet kunnen zitten of staan. Dan zakte je als een pudding in elkaar. Al zijn je spieren nog zo sterk, zonder botten heb je er niets aan. Het bot dat je hersenen beschermt, heet de schedel. Om je hart en je longen te beschermen, heeft je lichaam er een soort hekwerk van tralies omheen gebouwd: de ribbenkast. De botjes in je rug heten de wervels. Die soepele blokkentoren van werveltjes heet de ruggengraat. De plaatsen waar 2 botten aan elkaar zijn vastgemaakt heten de gewrichten, zoals je knie in je been en je ellenboog in je arm. Daar kun je je armen en benen bewegen, buigen en draaien. Om je botten zitten spieren. Je hebt er meer dan 600! Je hebt je spieren nodig om te kunnen bewegen. Bij elke stap die je zet, span je eerst je spieren aan en daarna laat je ze weer los. Een pees is een taai deel van een spier en zit aan een bot vast. Je kunt je spieren te veel belasten of een verkeerde beweging maken waardoor ze uitrekken, zoals bij een elastiek, of zelfs scheuren. Je pols kan zo verstuikt zijn. Spieren kunnen ook ontsteken.

Gebroken arm

Bij een ontwrichting of luxatie zitten de botten niet meer op de normale plaats. Je kunt dan je dan bijna niet meer bewegen door de pijn. Bij een ruptuur of fissuur zit er een scheur in je bot, maar hangt alles nog aan elkaar. Bij een fractuur is je bot gebroken in 1 of meerdere stukjes. Als je je arm gebroken hebt, word je geholpen op de dienst spoedgevallen. Eerst wordt er een foto gemaakt om te kijken of je arm echt gebroken is en om te kijken hoe erg de breuk is. Je krijgt dan van de verpleegkundige een gips. Welk kleurtje kies jij? Als de breuk te erg is, is het soms nodig dat je geopereerd wordt. De arts gebruikt dan “spilletjes” en schroefjes om de botten mooi aan elkaar te zetten.