terug naar de vorige pagina

Operaties

Waarvoor moet je een dagje naar het ziekenhuis?

Verhaal : Dagopname

Vorige week ben ik op consultatie geweest bij de NKO-arts. Dat staat voor neus-keel-en-oor-dokter. Deze vreemde meneer heeft een lichtje op zijn hoofd. Eerst keek hij in mijn neus.
Daarna wilde de dokter mijn keel zien.
Mijn oortjes waren de laatste aan de beurt.
Vandaag is een super-spannende dag. Ik moet naar de slaapdokter om buisjes in mijn oortjes te laten plaatsen door de neus-keel-en-oor-dokter. Zo ga ik misschien minder pijn hebben aan mijn oortjes, kan ik beter horen en zal ik minder vaak ziek zijn. We gaan door de draaimolen, oeps, sorry, draaideur naar binnen.
Aan het onthaal wijzen ze ons door naar de dienst opname ernaast.
Ik mag van mama op het knopje duwen om een ticketje te krijgen. Net zoals bij de slager!
We moeten even wachten want er zijn nog een paar mensen voor ons aan de beurt. Op het grote televisiescherm verschijnt eindelijk ons cijfertje. Mama geeft kaartjes aan de lieve mevrouw in het kleine hokje. De mevrouw tokkelt op haar computer.
We krijgen papieren, stickertjes en een armbandje van haar terug.
Daarna gaan we naar boven met de lift. Ik mag van mama op knopje 4 drukken.
De deuren van de pediatrie zwaaien al voor ons open. Het lijkt precies alsof de vlindertjes erop echt vliegen!
We moeten eerst een beetje wachten op de dagverpleegster en zitten op een bankje voor de speelzaal. Normaal gezien is dit Céline, maar omdat ze vandaag een dagje vakantie heeft, helpt Vicky ons verder.
Daarna brengt ze ons naar de dagzaal. Ik moet al mijn kleertjes uitdoen. Alleen mijn onderbroek mag ik aanhouden. Zelfs mijn nagellak moet af, omdat de dokter aan mijn nagels wil zien of alles in orde is met mij. Gelukkig geeft Vicky mij een operatiehemdje, zodat ik niet in mijn blootje sta. Deze pyjama is anders dan thuis. Het heeft veel knoopjes.
Daarna mag ik op de weegschaal.
Nu mag ik een beetje spelen. Vicky stelt intussen veel vraagjes aan mijn mama en vult samen met mama papieren in.
Vicky geeft aan mij een soort appelsap in een piepklein dopje. Het lijkt wel gemaakt door kabouter Plop! Hier word ik rustig van.
Ik kijk nog eventjes televisie naar de DVD van Fabian in het ziekenhuis. Dan is het mijn beurt om met mijn bed op wieltjes naar beneden te gaan naar het operatiekwartier. Op deze afdeling in het ziekenhuis komen mensen om zich te laten opereren. Speciale dokters, namelijk chirurgen, maken je lichaam weer beter terwijl je slaapt.
Mijn mama moet zich nu ook verkleden. Ze krijgt een gekke, groene muts op en doet blauwe kousen over haar schoenen. Ze moet ook een blauwe operatieshort aandoen en een maskertje voor haar mond. Het is precies carnaval!
Als mama klaar is, rijdt de verpleegster mij in een grote kamer met veel licht en grote toestellen. Ik moet op een ander bedje gaan liggen.
Op het plafond zie ik kleurrijke figuurtjes. Ik zie een vlinder en jij?
Ik krijg een soort wasknijper op mijn vinger. Hij is lekker zacht en doet geen pijn. Zo kan de slaapdokter straks kijken of mijn hart nog goed klopt en ik goed adem.
De slaapdokter zet een maskertje op mijn neus en mond. Zo gaan ze me in slaap brengen zodat ik niets voel van de operatie.
Ik probeer nog tot 10 te tellen, maar 1, 2, 3… en ik ben al in dromenland. Tot hoe ver ga jij kunnen tellen?
Mijn mama bleef de hele tijd bij me tot ik in slaap was.
Nu gaat de dokter mijn oortjes beter maken. Mama wacht even in de wachtruimte tot de dokter klaar is en haar even komt vertellen hoe het gegaan is. Wanneer ik wakker word, lig ik in een kamer vol slapende kindjes. Deze kamer heten ze de kinderrecovery of ontwaakruimte voor kinderen. Mijn mama mag terug bij mij zijn terwijl ik wakker word. Ik voel mij moe en een beetje suf. Gelukkig is de verpleegster superlief. Als ik goed wakker ben, mag ik terug met de lift naar boven met mijn bed op wieltjes. “
Ik krijg een dikke knuffel en kus van mijn mama en Vicky geeft mij een klein cadeautje, omdat ik zo flink ben.
Naast mij ligt een meisje die bij de slaapdokter moest voor haar keel. Zij moet soms wel overgeven en krijgt van de verpleegster een ijsje. Haar arm zit in een wit verband. Er loopt een buisje met een soort water naar een zakje. Dat zakje hangt aan een kapstok op wieltjes.
Aan de andere kant ligt een jongen. De dokter heeft zijn piemel geopereerd. Hij heeft een beetje pijn als hij de eerste keer pipi doet. De tweede keer gaat het al veel beter.
Na een tijdje mag ik iets drinken. Als ik mij niet ziek voel, mag ik naar huis.

Amandelen laten weghalen uit de keel

Bij een tonsillectomie worden je keelamandelen weggehaald. Normaal gezien helpen je keelamandelen je om niet ziek te worden door groter te worden zodat de slechte stoffen je lichaam niet in kunnen. Als je echter vaak bijvoorbeeld keelontstekingen hebt, dan blijven ze groot en moeten ze eruit.

Besnijdenis

Als de uroloog bij een jongentje de volledige voorhuid wegneemt van de piemel, noemt men dat een "besnijdenis" of "circumcisie". Dit doet men omdat men daar pijn heeft of in bepaalde godsdiensten. Na de ingreep is de eikel (glans) van de penis onbedekt en kan daardoor in het begin wat overgevoelig zijn. Ook kunnen af en toe korstjes ontstaan met een geelachtige kleur. De glans heeft soms de neiging om vast te kleven in de onderbroek, zeker de eerste 10 dagen na de operatie. Daarom is het belangrijk om genoeg zalf en eventueel een kompres aan te brengen. De hechtingen die werden geplaatst zijn oplosbaar en moeten niet verwijderd worden.

Breuken laten bijstellen

Als de breuk te erg is, is een gips soms niet voldoende en moet je misschien worden geopereerd. De dokter gebruikt dan “spilletjes” en “schroefjes” om de botten mooi aan elkaar te zetten. Na een lange tijd rusten in het gips, is je arm of been daarna terug als nieuw!

Buisjes plaatsen in de oren

Sommige kinderen hebben last van vocht achter hun trommelvlies. Daardoor horen ze minder goed of zijn ze steeds weer verkouden. Bij paracentese prikt de dokter een enkel gaatje. Zo kan het vocht eruit en kan men weer goed horen. Soms steekt de dokter ook buisjes in hun oren.

Poliepen laten weghalen uit de neus

Adenotomie is een moeilijk woord voor het weghalen van een neusamandel. Als je vaak verkouden bent, moeten ze soms geknipt of verwijderd worden door een NKO-arts tijdens een operatie.

Problemen met de ogen oplossen

Strabisme is het moeilijke woord voor scheel zien. De oogspieren zijn dan niet van beide ogen even sterk, waardoor de ogen niet in dezelfde richting kijken. Eén van de ogen draait dan naar boven, beneden, binnen of buiten, terwijl het andere oog recht vooruit kijkt. Het is belangrijk om dit snel te behandelen zodat je later geen slecht zicht krijgt. Men dekt dan meestal het beste oog af, zodat het andere oog moet werken. Deze behandeling noemt de dokter ‘occlusie’. Soms is een bril (tijdelijk) nodig. Vaak moet het oog geopereerd worden onder verdoving tijdens een dagopname. Na de ingreep kan je meteen gewoon kijken. Je ogen zien wel rood en voelen soms een beetje zanderig aan. Je moet ook gedurende enkele weken oogdruppels aanbrengen.

Tanden laten verzorgen

Sommige kleine kinderen zijn zo bang van de tandarts dat ze eerst in slaap worden gedaan door de slaapdokter voor de tandarts hun tandjes kan verzorgen. De tandarts kan ze dan vullen of trekken zonder pijn. Bij grotere kinderen gaat het vaak over het weghalen van wijsheidstanden.

Een wijsheidstand heet zo omdat hij pas laat opkomt.